Veilig gebruik van detergenten en desinfectanten

Veilig gebruik van detergenten en desinfectanten - 5.0 out of 5 based on 25 votes

Gebruikerswaardering: 5 / 5

Ster actiefSter actiefSter actiefSter actiefSter actief
 

Bij onjuist gebruik kunnen chemische desinfectanten en/of detergenten schadelijk zijn voor medewerkers. Sommige stoffen zijn ontvlambaar of explosief. Chemicaliën die niet compatibel zijn met andere gebruikte middelen kunnen hevige reacties geven en giftige gassen ontwikkelen. Alle desinfectanten zijn bedoeld om micro-organismen af te doden en zijn dus ook potentieel gevaarlijk of giftig voor alle levende organismen, zoals het menselijk lichaam. Indien juist toegepast met de juiste veiligheidsmaatregelen, zou het geen gevaar op mogen leveren.

Veel desinfectanten en detergenten kunnen irritatie veroorzaken aan de huid, ogen of bij inademing aan de luchtwegen. Het juist opleiden van medewerkers met betrekking tot het opslaan, aanmaken en gebruiken van deze middelen is van groot belang. Tijdens het aanmaken en toepassen van desinfectanten en detergenten moeten medewerkers persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM's of PPE) dragen, zoals handschoenen, maskers en oogbescherming. De datasheets (MSDS) van de middelen moeten de gevaren en (in)stabiliteit vermelden en wat er moet worden gedaan bij calamiteiten (eerste hulp) en welke PBM's er nodig zijn. Deze informatie moet voor alle medewerkers beschikbaar zijn. Uiteraard moeten de PBM's geschikt zijn voor de chemicaliën die worden gebruikt, de doorbraaktijden moeten bekend zijn voor de betreffende stoffen.

Om veilig te kunnen werken moeten alle instructies van het product worden opgevolgd, bij het eventueel aanmaken van een oplossing uit een concentraat moet de verhouding niet worden overschreden. Bij een nieuw middel moet eerst worden geoefend en moet een vaste werkwijze worden beschreven. De persoonlijke beschermingsmiddelen moeten conform  zijn. Maak nooit chemicaliën aan in niet gemarkeerde cans en gebruik geen cans of flessen, die reeds zijn gebruikt voor een ander middel. Zorg dat iedereen weet welke eerste hulp geboden moet worden bij calamiteiten als het morsen van een desinfectiemiddel, het lekken van een can of het onverwacht in contact komen met het middel. Een vaste plaats/wijze van opslag is van groot belang net als het altijd strikt volgens één vaste procedure werken met deze middelen.

Het label kan veel informatie bevatten en kan daardoor zelfs verwarrend zijn. De regelgeving is inmiddels steeds meer in Europees verband afgesproken en daardoor hoeven labels steeds minder verwarrende informatie te bevatten, omdat fabrikanten aan de eisen voor verschillende landen tegelijk willen voldoen. Op een product moet in ieder geval het volgende vermeld staan:

  • De naam van de producent
  • Registratienummer product
  • Gewicht en afmetingen
  • Gebruiksinstructies
    • Waar wel/niet te gebruiken
    • Hoe toe te passen
    • Eventueel de mengverhouding
    • Of er moet worden nagespoeld na toepassing
    • Welke contacttijd is nodig voor een effectieve toepassing
  • Lijst van actieve en inactieve ingrediënten
  • Waarschuwingen en eerste hulp instructies
  • Te nemen maatregelen bij inname of blootstelling op de huid

Waarschuwingssymbolen gevaarlijke stoffen

Er zijn wereldwijd veel verschillende wetten over het vermelden van de gevaarlijke eigenschappen van chemische stoffen en hoe die informatie moet worden vermeld. Dit kan verwarrend zijn, omdat een stof daardoor andere gevaarlijke eigenschappen heeft in verschillende landen. De Verenigde Naties (VN) heeft sinds 1992 experts uit verschillende landen samengebracht en daaruit is het Globally Harmonised System of Classification and Labelling of Chemicals (afgekort tot GHS) ontstaan. Begin 2008 hadden alleen Mauritius, Japan en Nieuw-Zeeland het GHS al ingevoerd. Begin 2009 maakte de Europese Unie een aanvang met de invoering van GHS. Hierbij wordt met H- en P-zinnen gewerkt, ofwel H(hazard)- en P(precaution)-zinnen. Het zijn gestandardiseerde zinnen die de gevaren van chemische stoffen en mengsels omschrijven. Deze zinnen zijn in meerdere talen voorhanden. Zij beogen hetzelfde doel als de welbekende R-zinnen, welke zij op termijn zullen vervangen.

De motivatie om te komen tot een internationaal eenduidig systeem is logisch; immers de verschillen per land in de aanduidingen en informatie met betrekking tot gevaarlijke stoffen waren soms erg groot; eenzelfde stof kon in één land als "giftig" aangemerkt zijn en in een ander land niet als een gevaarlijke stof beschouwd worden. Ook in de veiligheidsinformatiebladen leidde dit tot onduidelijkheden; bedrijven moesten verschillende veiligheidsinformatiebladen maken voor verschillende delen van de wereld. Het invoeren van een globaal geharmoniseerd systeem moet deze hinderpalen voor de wereldhandel uit de weg ruimen. Voorlopig blijven de specifieke symbolen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen uit het ADR naast het GHS bestaan. Dit zijn de GHS-symbolen:

schadelijkcorrosiefmilieugevaarlijkgiftig

 

En onderstaande Europese gevarensymbolen worden vervangen door de bovenstaande GHS-symbolen. Tussen 1 december 2010 en 1 juni 2015 worden stoffen ingedeeld volgens beide systemen, maar is het GHS-etiket verplicht. Vanaf 1 juni 2015 vervalt het huidige systeem (onderstaande afbeeldingen) van indeling en etikettering en is enkel het GHS geldig.

 200 schadelijk-irriterent200 milieugevaarlijk200 corrosief200 giftig

 

Stabiliteit, Opslag en Omgang

Bepaalde desinfectanten, zoals chloor (sodium hypochloride) worden vrij snel instabiel, nadat ze zijn bereid voor gebruik of na langere opslagperiodes. Warmte en licht versnellen dit proces. De etiketten op het product geven de houdbaarheid aan, maar vaak staat er niet bij dat na verdunning de levensduur flink verkort wordt. De levensduur kan worden verlengd door de producten juist op te slaan. Onverdund, op een donkere en koele plek. Indien het product over datum is kan dat resulteren in het gebruik van een product dat niet effectief is en een schijnzekerheid biedt.

Algemene opslagadviezen zijn:

  • Volgens de instructies van de producent
  • Buiten bereik van kinderen of dieren
  • Geen producten overhevelen in andere cans
  • Eerst de producten met de kortste houdbaarheid gebruiken, mits niet geëxpireerd uiteraard.
  • De ruimte moet een constante temperatuur hebben, goed geventileerd, buiten bereik van direct zonlicht
  • Zware cans moeten laag worden opgeslagen, zo dicht mogelijk bij de vloer
  • Alle cans en flessen moeten duidelijk zijn gemarkeerd en goed afgesloten zijn

Een goed veiligheidsplan is essentieel om de gezondheid en veiligheid van medewerkers te garanderen. De risico's van de potentiële gevaren moeten goed in kaart worden gebracht. Er moeten preventieve maatregelen worden genomen. Denk aan een oogdouche, maar ook aan de keuze voor de juiste PBM's.